16 april 2020 - Martin van Berloo

Alle hens aan dek. Nu én straks!

De corona-uitbraak zet de wereld op zijn kop en legt een enorme druk op het personeel in zorg en welzijn. Al snel na de uitbraak werd duidelijk dat de inzet van extra personeel noodzakelijk is om alle benodigde zorg te kunnen leveren. Er werden diverse initiatieven gelanceerd om dit mogelijk te maken. Inmiddels zijn deze krachten gebundeld in het platform ‘Extra handen voor de zorg’.

Vraag en aanbod van extra personeel wordt bij elkaar gebracht in dit brede, niet-commerciële samenwerkingsverband van RegioPlus (de koepel van regionale werkgeversverenigingen zorg en welzijn), het ministerie van VWS, brancheorganisaties, beroepsverenigingen, vakbonden en particuliere initiatieven.

Grote inzet in Brabant

In Noord-Brabant ondersteunt en coördineert Transvorm de inzet van extra personeel. Op peildatum 15 april waren in onze provincie al ruim 2150 medewerkers gesproken en gescreend. Ruim 1000 van hen zijn voorgesteld bij organisaties en bijna 400 zijn al daadwerkelijk ingezet bij 31 verschillende Brabantse zorgorganisaties of cohortafdelingen (extra capaciteit voor coronapatiënten).

In de eerste weken van de crisis lag de nadruk op de ziekenhuizen, met name op de IC-afdelingen. Inmiddels is meer dan duidelijk dat ook in de andere branches de extra inzet van personeel hard nodig is. Met name in de verpleeg- en verzorgingshuizen is de druk hoog. We hebben dus nog steeds extra handen nodig. Aanmelden kan nog steeds! 

Nú, maar ook stráks

Dat we nu extra mensen nodig hebben is evident. Maar inmiddels wordt ook steeds duidelijker dat we die extra mensen nog een héle tijd nodig hebben. Aan die conclusie valt tenminste niet te ontkomen als je de volgende signalen op een rijtje zet:

  • De druk op ic-afdelingen neemt weliswaar langzaam af, maar is nog steeds veel hoger dan normaal. De voorspellingen zijn dat deze situatie zeker nog maanden (misschien wel tot de herfst) zal duren.
  • Ook andere ziekenhuiszorg staat onder druk, zowel personeel als ruimtes van andere afdelingen zijn nu gericht op zorg voor coronapatiënten. Dit leidt tot een uitputtingsslag van zowel personeel als voorzieningen.
  • Reguliere zorg staat op een laag pitje. Enerzijds omdat capaciteit is teruggeschroefd om ruimte te maken voor coronazorg, anderzijds omdat de zorgvraag sterk terugloopt omdat patiënten zorg mijden of uitstellen. Op enig moment moet de reguliere zorg weer worden opgestart, terwijl de extra coronazorg nog doorloopt.
  • Het is niet uit te sluiten dat het uitstellen van zorg op termijn leidt tot meer en complexere zorgvragen dan gebruikelijk. Denk daarbij niet alleen aan de lichamelijke zorg in ziekenhuizen en VV&T, maar zeker ook aan de GGZ.

Hoge druk, veel werk

  • Veel medewerkers in zorg en welzijn worden getroffen door corona. Dit zorgt voor een hoog ziekteverzuim in het hier en nu. Maar het veroorzaakt ook veel onzekerheid en frustratie die in de nabije toekomst voor uitval van personeel kan zorgen.
  • In afgelopen weken is roofbouw gepleegd op een groot deel van het personeel. In ziekenhuizen, maar óók in de VV&T, GGZ en GHZ. Personeel heeft veel gewerkt, onder hoge druk én is vaak ingezet op plekken waar ze normaal niet werken. Dat was noodzakelijk en begrijpelijk, maar heeft wel consequenties voor de inzet van personeel in de nabije toekomst. De kans op uitval door oververmoeidheid, burn-out of PTTS-klachten is groot.
  • In afgelopen weken zijn er veel overuren gemaakt en is er weinig vakantie opgenomen. Dat zal in komende weken nog niet wezenlijk veranderen. Zeker zolang de beperkende maatschappelijke maatregelen van kracht zijn, zal de animo om vakantie op te nemen niet heel hoog zijn. Bij elkaar dreigt een stuwmeer aan overuren en vakantiedagen te ontstaan dat later in het jaar voor problemen gaat zorgen.

Problemen in zicht

Al met al is duidelijk dat de druk op de zorg voorlopig hoog blijft, zélfs als de extra zorgvraag door corona afneemt (waarover ook nog geen zekerheid is). Gelukkig wordt er voor veel van bovenstaande problemen al naar oplossingen gezocht. Er wordt door ‘Sterk in je Werk’ extra coaching aangeboden aan zorgprofessionals die nu onder druk staan. Veel organisaties werken aan preventie van burn-out en er wordt nazorg georganiseerd.

Ten aanzien van overuren en vakantiedagen hoop ik dat werkgevers zich coulant opstellen en de bestaande regelingen oprekken. Hopelijk wordt daar op landelijk niveau ook over nagedacht. Wellicht kunnen regelingen worden aangepast (speciale status voor corona-uren?) of kunnen er financieel aantrekkelijke regelingen komen om overuren en vakantiedagen te laten uitbetalen of voor andere doelen in te zetten?

Er wás al een groot personeelstekort

Wat we in de huidige commotie bijna zouden vergeten, is dat er voor de coronacrisis óók al een groot personeelstekort was. Binnen de gehele sector, maar vooral juíst in de functies waarin nu de extra inzet nodig is. De medisch specialisten, de specialistische verpleegkundigen, de hbo- en mbo-verpleegkundigen en de verzorgenden, om maar een paar voorbeelden te noemen.

Door de inzet van extra personeel en het schuiven met personeel is dit tekort nu tijdelijk opgelost. Maar dat is niet blijvend. Integendeel, het tekort zal in alle hevigheid terugkeren. Als iets in afgelopen periode duidelijk is geworden, dan is het wel dat de zorg in Nederland niet nog verder afgekalfd kan worden. Het kan niet anders dan dat de vraag naar personeel verder zal stijgen, zéker de vraag naar hoog opgeleid specialistisch personeel.

Behoud van extra personeel

Kunnen we de huidige extra helpers behouden? Dat is de vraag die zich aandient. Voor degenen die met pensioen waren en nu tijdelijk terug zijn, is dat geen optie. Maar wél voor diegenen die vanuit andere functies en andere sectoren tijdelijk terug zijn gekomen. En ook voor diegenen die nu tijdelijk meer werken. Hoe kunnen we hen behouden?

Veel van het extra personeel kan nu ingezet worden omdat wetten en regels tijdelijk zijn opgerekt en aangepast. Wat als deze mensen willen blijven? Komen er dan intelligente manieren om hen aan het werk te houden? Of worden ze afgeserveerd en komen ze nooit meer terug? Ook niet als de nood later weer aan de man is? Dat moeten we toch zeker kunnen voorkomen?

Wat brengt de toekomst?

Ook als we iets verder kijken, is het de vraag wat de effecten van de coronacrisis zullen zijn. We zijn al zo lang bezig met verhogen van instroom in de sector en de beroepsopleidingen voor de sector. Betekent deze plotselinge, overduidelijke noodzaak van het werk en de plotselinge, overduidelijke waardering voor het werk een boost voor het imago en daarmee de instroom? Of schrikken de huidige beelden en verhalen juist mensen af en neemt de toekomstige instroom af? Vooralsnog veel vragen en weinig antwoorden.

Voorlopig nog geen rust

Het wáren, zíjn en wórden roerige tijden op de arbeidsmarkt van zorg en welzijn, zoveel is wel duidelijk. Wat er in afgelopen weken allemaal bereikt is, is bijna ongelofelijk, maar baart ook zorgen. Laten we daaraan gezamenlijk een goed vervolg geven!