06 juni 2014 - Martin van Berloo

Licht op de UWV arbeidsmarktprognose

Het UWV verwacht een groeiende economie in 2014, maar niet groot genoeg om de werkgelegenheid te laten groeien. In 2014 zal de werkgelegenheid dalen, met 0,7% of 60.000 banen. Pas in 2015 groeit hij met 0,3%. Dat zijn 20.000 banen. Hoewel sommige nieuwsberichten over de rapportage positieve koppen hebben (‘Vanaf volgend jaar meer kans op werk’) zie ik nog weinig reden tot juichen. Een groeiprognose van 0,3% is immers nauwelijks groei te noemen. Bovendien is de positieve marge zo klein dat er maar weinig hoeft te gebeuren om weer rode cijfers te noteren.

De sector zorg en welzijn is anders

Mijn voornaamste voorbehoud ligt in het feit dat dit de algehele cijfers zijn. De prognoses van de sector zorg en welzijn laten een heel ander beeld zien. Tot 2013 is de sector gegroeid met 10% in de periode 2008-2013. Dat terwijl vrijwel alle andere sectoren in die periode al krimpcijfers noteerden. In 2013 is deze groei tot stand gekomen en zelfs omgeslagen in krimp. Er zijn 21.000 banen verloren gegaan. In 2014 zullen er 22.000 verloren gaan en in 2015 nog eens 13.000. Een totale krimp dus van 56.000 banen in drie jaar tijd.

Het UWV verwacht dat dit een tijdelijke periode is (periodes zijn altijd tijdelijk. Ontwikkeling?). Men verwacht als gevolg van vergrijzing en de wensen van de zorgconsument een groeiende zorgvraag en daarmee groei van de werkgelegenheid. Vooralsnog deel ik deze verwachting niet. Het is onduidelijk hoe de zorgvraag zich ontwikkelt, zowel kwantitatief als kwalitatief. Het beleid van de overheid er in ieder geval níet op gericht om alle zorgvragen te laten beantwoorden door zorgprofessionals. Ook verwacht ik dat de huidige transitie en bezuinigingen een stimulans vormen voor innovatie: technologisch, sociaal en in systemen. De arbeidsproductiviteit zal daardoor stijgen. Kortom; als de zorgvraag al stijgt is het maar de vraag of dat leidt tot verhoging van de werkgelegenheid.

Het UWV constateert ook dat de sector vergrijsd is. Op termijn krijgen we te maken met uitstroom van personeel, waarbij een deel zal worden vervangen. Dat heeft een positief effect op het aantal ontstane vacatures. Wel kunnen we daarbij de vraag stellen hoe groot het effect zal zijn. Ook laat de grote uitstroom als gevolg van vergrijzing nog jaren op zich wachten, in ieder geval tot na 2015.

Vergrijsd en verloren?

Bij de vergrijzingsdiscussie is de arbeidsparticipatie van 55-plussers interessant. Deze blijkt sterk gestegen; van 400.000 in 1995 tot 1,3 miljoen in 2015 (+250%). Deze groei zal zich voortzetten. De uitstroom van de arbeidsmarkt wordt er mee uitgesteld en het aantal vervangingsvacatures gedrukt.

Tegelijkertijd neemt de arbeidsparticipatie van jongeren (15 tot 25 jaar) af. Deze bedroeg 41% in 2015 en is daarmee 5% lager dan in 2008. In onze laatste arbeidsmarktrapportages (zowel AiK als OiK) beschreven we het gevaar van de ‘verloren generatie’. De cijfers onderbouwen onze vrees.

Wel veel vacatures

Gelukkig valt er ook iets positiefs te melden. Ondanks bezuinigingen en krimp is en blijft de sector zorg en welzijn een sector met veel vacatures. In 2014 ontstaan er 81.000 banen en in 2015 worden er 84.000 banen verwacht. Helaas ontstaan deze vacatures niet binnen alle deelsectoren en op alle niveaus. De medewerkers die op dit moment in de hoek zitten waar de klappen vallen zijn daar voorlopig nog niet uit. Daarover in een volgend blog meer.