18 september 2014 - Martin van Berloo

Prinsjesdag en de arbeidsmarkt van Zorg en Welzijn

Ook begrotingen van andere ministeries kunnen informatie bevatten die relevant is voor de arbeidsmarkt.  Bijvoorbeeld passages over Duurzame Inzetbaarheid in de begroting van het ministerie van SZW of over bij-, na- en omscholing voor volwassenen in de begroting van het ministerie van OCW. Dit soort zaken staan dus niet in onderstaand overzicht, maar samenvattingen van deze begrotingen zijn ongetwijfeld op internet te vinden.

De opvallendste zaken uit de Miljoenennota en Rijksbegroting VWS

Kosten van de zorg

  • In de periode 2005–2010 stegen de collectieve zorguitgaven met gemiddeld 5,7 procent per jaar. Om deze groei af te remmen en de zorg betaalbaar te houden, zijn maatregelen genomen. Daarom is sinds 2010 de uitgavegroei beperkt. De verwachting is dat de groei van de zorguitgaven daarmee in de periode 2011–2015 ruimschoots is gehalveerd: gemiddeld circa 2,3 procent.
  • De getemperde groei is volgens VWS toe te schrijven aan het stringente geneesmiddelenbeleid, de hervorming van de langdurige zorg, de bestuurlijke akkoorden binnen de zorgsector en scherp inkoopbeleid van zorgverzekeraars.
  • In 2015 groeit het Budgettair Kader Zorg waarschijnlijk niet of nauwelijks, er worden daarom voor 2015 geen aanvullende bezuinigingsmaatregelen voorzien.
  • De collectieve uitgaven aan zorg komen volgend jaar uit op 71,3 miljard euro. De hervorming van de langdurige zorg levert een besparing van 1,4 miljard euro op vergeleken met de begroting van vorig jaar.
  • De uitgaven in de ziekenhuiszorg dalen voor het eerst. Van 2,9 miljard in 2014 naar 2,2 miljard in 2015. In de GGZ wordt bezuinigd, de dalen uitgaven met 12 procent naar 3,6 miljard euro.
  • Het beheersen van de zorguitgaven blijft belangrijk. De zorgvraag blijft de komende jaren immers toenemen. Technologische en wetenschappelijke ontwikkelingen en maatschappelijke trends gaan hun eigen weg. Vergrijzing, wetenschappelijke doorbraken en patiënten die steeds hogere eisen stellen aan hun gezondheid zijn niet tegen te houden.

Instrumenten die daarom ruimte moeten krijgen, zijn o.a.:

  • Innovaties (technologische ontwikkelingen) die bijdragen aan lagere kosten.
  • Efficiëntere organisatie van zorg (meer zorg in dezelfde tijd, tegen lagere kosten).
  • Verhogen van zelfredzaamheid van mensen.
  • Ontwikkeling van e-health.

De transitie AWBZ/Wmo
In 2015 is 40 miljoen euro extra vrijgemaakt om de transitie naar de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) te verzachten. Dit komt bovenop de extra middelen voor de Wmo uit het voorjaar (195 miljoen euro) en de 75 miljoen euro die het kabinet in 2015 en 2016 beschikbaar stelt voor een thuishulptoelage.

De kwaliteit van zorg
Ondanks dat medewerkers in de ouderenzorg hard werken en zeer gemotiveerd zijn, gaat het verbeteren van de kwaliteit in de ouderenzorg te langzaam. De complexiteit van de langdurige intramurale zorg neemt toe omdat ouderen op hogere leeftijd en met zwaardere zorgvragen in een instelling komen. De minder complexe zorgvragen worden immers niet meer in de instelling beantwoord, maar thuis of dichtbij huis. Om zorgaanbieders te ondersteunen bij de verbetering van de kwaliteit wordt voor de korte termijn vanaf 2015 extra geld beschikbaar gesteld. Voor de langere termijn stelt het ministerie i.s.m. met alle betrokken partijen in het najaar van 2014 een actieplan op.

Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt

De transitie van zorg stelt andere eisen aan het werken in de zorg. Dit betreft zowel kennis als vaardigheden. De aangeboden zorg moet zowel kwantitatief als kwalitatief van het juiste niveau zijn en aansluiten bij de zorgvraag. Primair is het arbeidsmarktbeleid een verantwoordelijkheid voor de zorginstellingen en sociale partners, de overheid ondersteunt daarbij. In 2015 zal de commissie ‘Innovatie zorgberoepen en opleidingen’ een inventarisatie voor de toekomst opleveren. Daarmee wordt duidelijk welke professionals er in de toekomst nodig zijn en of de huidige opleidingen daaraan voldoen.

Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarktsubsidies

Kwaliteitsimpuls categorale en algemene ziekenhuizen

Om algemene en categorale ziekenhuizen te stimuleren zo veel mogelijk de huidige medewerkers de mogelijkheid te bieden om op een hoger professioneel niveau te functioneren, kunnen zij vanaf 2014 subsidie aanvragen. Budget: € 134,5 miljoen in 2015, oplopend tot € 151 miljoen in 2018.

Stageplaatsen zorg/Stagefonds

Het stagefonds wordt in 2015 verder voortgezet. Budget: € 110,4 miljoen.

Regionaal arbeidsmarktbeleid

Het arbeidsmarktbeleid in de zorg dient op het lokale en regionale niveau gestalte te krijgen. Het is van belang dat zorginstellingen hierin gezamenlijk optrekken om daarmee de arbeidsmarktpositie van de zorg in de regio te versterken. Budget, via Regioplus, in 2015: € 7,5 miljoen.

Opvallende zaken uit de brief ‘Werken aan Groei’
In deze brief geeft het kabinet weer hoe ze in komende jaren werkt aan verdere versterking van de economische groei en vergroting van de werkgelegenheid. Deze impulsen zijn aanvullend op de reeds in gang gezette hervormingen.

Werken moet lonen en impuls werkgelegenheid
Het kabinet beperkt in 2015, daar waar dat kan, de lastenontwikkeling voor werknemers. Dit maakt werken meer lonend en verhoogt de koopkracht. De lasten op arbeid worden met € 1 miljard verlaagd (€ 500 miljoen voor hogere arbeidskorting en € 475 miljoen voor lager tarief 1e schijf).

Vraag en aanbod op de arbeidsmarkt beter op elkaar aan laten sluiten
Er is sprake van een mismatch op de arbeidsmarkt. Er is een hoge werkloosheid, maar er zijn ook bedrijven en sectoren met tekorten aan personeel, bijvoorbeeld de techniek. Het kabinet wil dat werknemers afkomstig uit krimpsectoren doorstromen naar sectoren die groeien en neemt daarom de volgende aanvullende maatregelen:

  • Een derde tranche van de sectorplannen richt zich specifiek op het bevorderen van van-werk-naar-werk en van-werkloosheid-naar-werk. Sectoren die inzetten op concrete omscholings- of bijscholingstrajecten voor werknemers kunnen voor cofinanciering in aanmerking komen.
  • Om van-werk-naar-werk te bevorderen introduceert het kabinet in 2015 binnen de sectorplannen de brug-WW. Dit vergemakkelijkt baanwisselingen waarbij sprake is van substantiële omscholing in de richting van groeiberoepen en -sectoren. Deze extra ondersteuning vanuit de WW drukt de kosten voor de werkgever.

Nieuwe combinaties van wonen en zorg vragen om andere huisvesting
Er moet worden geïnvesteerd in aanpassing van de bestaande woningvoorraad, nieuwe woonzorgconcepten en verbouw van verzorging- en verpleeghuizen.