12 april 2016 - Martin van Berloo

Afstemming onderwijs en arbeidsmarkt; vaak top, soms een flop!

Opvallend zijn de mooie voorbeelden van succesvolle samenwerking tussen het beroepsonderwijs en de beroepspraktijk. De scholen en werkgevers in onze provincie weten elkaar steeds beter te vinden. Een goede ontwikkeling, die ervoor zorgt dat de scholen kunnen aansluiten bij de veranderingen op de arbeidsmarkt. In de nieuwe OiK schenken we daarom ruim aandacht aan een aantal van deze samenwerkingsvormen.

School in de fout

Dat het in de afstemming tussen beroepspraktijk en beroepsonderwijs ook pijnlijk fout kan gaan blijkt uit een recente rechtszaak. Studenten van de opleiding Medisch Hulpverlener aan de Hogeschool van Utrecht stelden de school aansprakelijk voor opgelopen studievertraging. De vertraging was het gevolg van het tekort aan stageplaatsen voor deze opleiding. De rechter gaf de studenten gelijk. De school had er rekening mee moeten houden dat het werkveld terughoudend zou kunnen zijn bij het aanbieden van stageplaatsen.

De rechtszaak was het gevolg van al langer spelende problematiek. Jaren geleden hebben ziekenhuizen aangegeven dat ze tekorten verwachtten aan medewerkers in de acute/spoedeisende zorg. Daarbij gaven ze ook aan dat de reguliere opleidingstrajecten (eerst een verpleegkundige opleiding, daarna een specialisatie Spoedeisende Hulp of Ambulance) voor medewerkers te lang duurden. Een paar Hogescholen hebben daarom vanaf 2010 de HBO-opleiding Bachelor Medische Hulpverlening aangeboden.

Geen stageplekken en geen zicht op werk

Van het begin was duidelijk dat een BIG-registratie voor dit soort medewerkers essentieel is. Die registratie heeft echter lang op zich laten wachten. Ziekenhuizen hebben ook daarom vanaf het begin twijfels geuit over de opleiding en geen of heel weinig stageplekken beschikbaar gesteld. Ondertussen is de instroom in de opleidingen doorgegaan, met voortdurende stageproblematiek en gedupeerde studenten als gevolg. 

Er was ook veel uitval in de opleidingen, waarschijnlijk vooral omdat studenten gedemotiveerd raken door de stageproblemen en het slechte vooruitzicht op werk. Sinds 2014 behalen studenten hun diploma, maar ze hebben nauwelijks arbeidsmarktperspectief en zijn aangewezen op extra opleidingen.

Voorlopige oplossing in zicht

Vanaf dit jaar komt er een (voorlopige) oplossing voor de BIG-problematiek. In oktober van vorig jaar maakt minister Schippers bekend dat afgestudeerde bachelors Medisch Hulpverlener een zelfstandige bevoegdheid krijgen voor de voorbehouden handelingen binnen het vakgebied waarvoor ze zijn opgeleid. Vooralsnog gaat het om een regeling voor maximaal vijf jaar. Het streven is dat de regeling op 1 juli van dit jaar ingaat. De Hogescholen hopen dat hiermee meer stageplekken beschikbaar komen. 

Deze regeling heeft positieve gevolgen voor afgestudeerden (de verwachting is dat zij gemakkelijker aan een baan kunnen komen) en voor toekomstige studenten (de verwachting is dat zij gemakkelijker aan een stageplaats kunnen komen). Voor de studenten die afgelopen jaren de dupe waren van het gebrek aan stageplekken komt de regeling te laat. De studenten die de rechtszaak wonnen krijgen een schadevergoeding. De exacte hoogte hiervan moet de rechtbank nog vaststellen.

Gelukkig is deze casus een uitzondering op de regel, zeker wat betreft de ernst van de stageproblematiek en de negatieve gevolgen ervan. Al zal uit de komende Onderwijs in Kaart blijken dat stageproblematiek helaas (nog steeds) een onderwerp is waar opleidingen en werkgevers mee worstelen.