14 december 2016 - Martin van Berloo

Bestaat de medewerker van de toekomst écht?

De medewerker van de toekomst; belangrijk én complex!

Want er wordt vaak heel gewichtig gedaan over deze medewerker. ‘Hij is onmisbaar voor de arbeidsmarkt van de toekomst’, dat soort uitspraken. En als het gaat over wat deze medewerker moet kennen en kunnen wordt het meestal ook heel ingewikkeld. Het ‘kunnen’ heet minimaal een ‘skill’. Maar niet zomaar een skill, het moet een van de ‘21th century skills’ zijn. En aan kennis schijn je niets te hebben als die niet ontleent is aan een ‘body of knowledge’.

Medewerker van de toekomst worden schijnt ook niet zo gemakkelijk te zijn. Als je niet pro-actief bent en bezit over persoonlijk leiderschap ben je de klos. Natuurlijk moet je kunnen reflecteren, niet alleen op jezelf maar ook op anderen en beroepssituaties. En wel op zo’n manier dat het leidt tot gedragsveranderingen.

Maar daar blijft het niet bij. De medewerker van de toekomst zelf blijkt ook een behoorlijk uitzonderlijk figuur te zijn. Persoonlijke ontwikkeling, een goede combinatie tussen werk en privé en werken in een state-of-the-art-omgeving schijnt belangrijker te zijn dan het salaris. Hij of zij is niet meer op zoek naar een baan voor het leven, zelfs niet naar een vaste baan. Werken in netwerken en tijdelijke projecten of jobhoppen is de toekomst. Werkgevers moeten zich voorbereiden op werknemers die áltijd op zoek zijn naar kansen elders. En dus moeten werkgevers alle zeilen bijzetten om de medewerkers van de toekomst voor langere tijd aan zich te binden.

De medewerker van de toekomst; een idee-fixe?

Als je bovenstaande alinea’s leest, ga je, jezelf inderdaad bijna afvragen of de medewerker van de toekomst echt bestaat. Het lijkt ook alleen maar te gaan over nieuwe medewerkers, de studenten die nu in beroepsopleidingen zitten of daar zelfs nog aan moeten beginnen. Bijna niemand denkt bij de medewerker van de toekomst aan zijn directe collega’s (hoogstens aan die enkele net gediplomeerde nieuweling) en al helemaal niet aan zichzelf.

En dat is raar. Want als het gaat om de medewerker van de toekomst dan gaat het vaak over de medewerker in 2020 of 2025, soms over de medewerker in 2030. Laten we daar eens een soort van gemiddelde nemen en uitgaan van een periode van 10 jaar, waarna de medewerker van de toekomst werkelijkheid is. Dan zitten we in 2026. Dat klinkt inderdaad behoorlijk ver weg. Maar bedenk wel dat 2026 net zover van ons vandaan is als 2006. In dat jaar werd Saddam Hoessein terechtgesteld, verscheen het tweede deel van Pirates of the Carribean en scoorde Marco Borsato een hit met Rood.

De medewerker van de toekomst: dat ben jij!

Rare voorbeelden misschien? Ik wil maar zeggen; tien jaar is helemaal niet zo ver weg!

Bedenk dat de kans groot is dat jij in 2026 nog aan het werk bent en waarschijnlijk nog wel een hele tijd daarna! Volgens de huidige pensioenregels moeten mensen die nu 25 zijn tot 2063 werken! De mensen die nu 35 zijn tot het voorjaar van 2052. De mensen die nu 45 zijn tot eind 2040. Zelfs de mensen die nu 55 zijn moeten nog tot midden 2029 werken!

De kans is dus heel groot dat jij zelf wél de medewerker van de toekomst bent. Dus moet óók jij jezelf blijven ontwikkelen. Jij moet werken aan je eigen inzetbaarheid. En dat gaat bij de meesten van ons niet vanzelf. Daarom is het goed dat er instrumenten zijn die je daarbij helpen, bijvoorbeeld ons Transvorm Loopbaan Portal. Een instrument waarmee jij de regisseur kunt zijn van je eigen loopbaan. Voor nu, maar ook voor later!

Dit blog verscheen eerder als column in het TLP magazine (december 2016)